VHD (RHD) en Myxomatose

VHD (RHD) en myxomatose zijn ernstige konijnenziektes die vaak een dodelijke afloop hebben. Gelukkig kunnen we uw konijn beschermen middels vaccinatie.

 

Nieuw vaccin RHD2 beschikbaar!

Sinds kort beschikken wij over een nieuw vaccin (Filavac) tegen het RHD2 virus bij konijnen, welke maar 1 keer per jaar gegeven hoeft te worden.

Dit vaccin is per stuk verpakt, wat betekent dat u niet meer hoeft te wachten op speciale vaccinatiedagen maar hier dagelijks bij ons voor terecht kunt.

Filavac is werkzaam tegen de veroorzakers van Rabbit Hemorrhagic Disease (RHD1 én RHD2). Het mag vanaf 10 weken leeftijd toegediend worden en het hoeft niet te worden geboosterd. Filavac kan samen met de jaarlijkse vaccinatie tegen RHD-1 en myxomatose (Nobivac Myxo-RHD) gegeven worden.

Voordat dit vaccin beschikbaar was werd met het Eravac vaccin gevaccineerd, welke slechts een half jaar werkzaam was én in sommige gevallen na 6 weken herhaald moest worden (booster injectie).

Zowel de Filavac vaccinatie als de RHD-1/Myxomatose vaccinatie kosten €32,50 per stuk, komt u voor beide entingen tegelijkertijd dan betaalt u slechts €58,50. Bel gerust voor een afspraak of kom langs op een van de inloopspreekuren!


VHD (RHD)

VHD is een dodelijke virusziekte die voorkomt bij konijnen. VHD staat voor Viral Haemorrhagic Disease. Het is een zeer besmettelijke ziekte waartegen uw het konijn kunt laten vaccineren.

De ziekte VHD is onder meerdere namen bekend:

-          RHD (Rabbit Haemorrhagic Disease),

-          RVHD (Rabbit Viral Haemorrhagic Disease),

-          VHS (Viraal Haemorrhagisch Syndroom),

-          RCD (Rabbit Calicivirus Disease).

Het VHD-virus is een calicivirus. De ziekte werd als eerste gezien in 1984 in China, na import van Europese konijnen en komt sindsdien in delen van Europa voor.

Verspreiding

VHD is erg besmettelijk en wordt overgebracht door direct contact, door besmet materiaal zoals bodembedekking, hokken, geplukt gras, via vogels of zelfs via schoenzolen, en door stekende insecten zoals vlooien en muggen. Het wordt uitgescheiden in de urine en ontlasting. Het virus kan lang overleven op schoenen of kleding bij kamertemperatuur en is bestand tegen vorst.

Symptomen

VHD is een snel verlopende ziekte die vrijwel altijd dodelijk is. Het virus veroorzaakt een leverinfectie met als gevolg inwendige bloedingen in allerlei organen, vooral in de longen, lever en darmen. Binnen 1 tot 2 dagen na infectie wordt het konijn stilletjes en stopt met eten. Het dier kan benauwd worden, diarree of verstopping krijgen en het krijgt soms koorts. Al snel overlijdt het konijn, soms krijgt het daarbij epileptische aanvallen of een bloedneus en schreeuwt het. Soms zijn er geen symptomen te zien en is het konijn ineens dood. Sommige konijnen vertonen een subacute of chronische vorm, waarbij de dieren meestal na een of twee weken overlijden aan leverfalen. Konijnen jonger dan zes tot acht weken zijn doorgaans niet vatbaar voor deze ziekte.

Voorkomen

VHD komt in Nederland ook bij wilde konijnen voor en kan worden overgebracht op huiskonijnen. Het is daarom erg belangrijk om uw konijn hiertegen te beschermen: zowel door besmetting zoveel mogelijk te voorkomen, als door uw dieren te laten vaccineren.

Preventieve maatregelen

Om besmetting te voorkomen is goede hygiëne belangrijk. Zorg ervoor dat wilde konijnen geen contact kunnen maken met uw konijnen. Probeer insecten te weren: gebruik horren in huis, gebruik eventueel horrengaas voor het hok en zorg ervoor dat het hok goed schoongemaakt wordt. Gebruik geen giftige chemische stoffen om muggen en vliegen te doden, deze kunnen schadelijk zijn voor het konijn. Pluk geen gras en andere planten in gebieden waar ook wilde konijnen voorkomen als uw konijnen niet gevaccineerd zijn tegen VHD, en spoel alles goed af.

Vaccinatie

Het is aan te raden uw konijn in het voorjaar te laten vaccineren, omdat de besmettingskans in voorjaar en zomer het grootst is.

Bij elke vaccinatie is het belangrijk dat het dier helemaal gezond is op het moment van vaccineren. Ook mag het konijn niet zwanger zijn. Laat het konijn daarom altijd eerst even door de dierenarts nakijken, zeker als u reden heeft om aan te nemen dat er iets met het dier aan de hand is. Vaccineren hoort geen ‘lopende band werk’ te zijn!

Vaccineren tijdens een operatie is niet aan te raden vanwege het beslag dat de vaccinatie legt op het immuunsysteem. De weerstand tegen andere infecties wordt daardoor tijdelijk verlaagd. Wel heeft het nieuwe combinatievaccin minder remmende werking op het immuunsysteem dan de tot nog toe gebruikte vaccins. Daardoor verwacht men minder risico dan voorheen bij het vaccineren van dieren die met een chronische infectie zoals ‘snot’ kampen. Wacht wel met vaccineren tot een moment waarop de infectie goed onder controle is; overleg vooraf goed met uw dierenarts.

De combinatievaccinatie tegen VHD1 en myxomatose (Nobivac® Myxo-RHD) mag vanaf een leeftijd van 5 weken gegeven worden. Als bijwerking kan er op de plek van vaccineren een bultje ontstaan in de eerste twee weken na de vaccinatie en kan de lichaamstemperatuur 1 tot 2 graden stijgen. Als er in uw omgeving VHD heerst, kunt u niet gevaccineerde konijnen die geen symptomen vertonen alsnog laten vaccineren. Heeft uw konijn vaak last van bijwerkingen, of heeft het een verlaagde weerstand, overleg dan met uw dierenarts of het verstandig is het dier te laten vaccineren.

Sinds kort beschikken wij over een nieuw vaccin (Filavac) tegen het VHD2 virus bij konijnen, welke maar 1 keer per jaar gegeven hoeft te worden. Dit vaccin is per stuk verpakt, wat betekent dat u niet meer hoeft te wachten op speciale vaccinatiedagen maar hier dagelijks bij ons voor terecht kunt. Filavac is werkzaam tegen de veroorzakers van Rabbit Hemorrhagic Disease (RHD1 én RHD2). Het mag vanaf 10 weken leeftijd toegediend worden en het hoeft niet te worden geboosterd. Filavac kan samen met de jaarlijkse vaccinatie tegen RHD-1 en myxomatose (Nobivac Myxo-RHD) gegeven worden. Voordat dit vaccin beschikbaar was werd met het Eravac vaccin gevaccineerd, welke slechts een half jaar werkzaam was én in sommige gevallen na 6 weken herhaald moest worden (booster injectie).

 

VHD2

Eind 2015 kwamen er plots meldingen vanuit het gehele land van acute sterfte onder konijnen. Op basis van symptomen werd gedacht aan VHD, maar ook gevaccineerde konijnen bleken besmet. Bij nader onderzoek bleek dit te gaan om een mutatie in het klassieke VHD virus, welke al in 2010 in Frankrijk opgedoken was, het zogenaamde VHD2 (RHD2) virus

Hoe ver de verspreiding in Nederland is gekomen en hoeveel konijnen uiteindelijk zijn doodgegaan aan VHD2 is niet duidelijk. Er is Nederland geen centraal meldpunt en veel konijnen worden niet onderzocht. Er zijn inmiddels echter zo veel meldingen vanuit verschillende provincies gedaan, dat er uitgegaan wordt van algehele verspreiding. Er wordt ook niet verwacht dat dit virus vanzelf zal verdwijnen. Waarschijnlijker is dat het, net als klassieke VHD en myxomatose, vanaf heden een probleem zal blijven.

Symptomen

De symptomen van VHD2 zijn vergelijkbaar met klassieke VHD. Bij de oude variant treedt sterfte op binnen 24-48 uur na infectie, bij VHD2 duurt dit iets langer (3 tot 5 dagen). Het verloop is dus iets minder acuut. Daarnaast wordt soms een wat chronischer vorm gezien, waarbij konijnen langere tijd ziek kunnen zijn. Verder ligt het percentage konijnen dat sterft ten gevolge van VHD2 lager dan bij VHD1 (5-70% i.p.v. >80%). Helaas is er vooralsnog geen therapie tegen VHD2. Preventie en vaccinatie zijn dan ook heel belangrijk.

Preventieve maatregelen

Om besmetting te voorkomen is goede hygiëne belangrijk. Zorg ervoor dat wilde konijnen geen contact kunnen maken met uw konijnen. Probeer insecten te weren: gebruik horren in huis, gebruik eventueel horrengaas voor het hok en zorg ervoor dat het hok goed schoongemaakt wordt. Gebruik geen giftige chemische stoffen om muggen en vliegen te doden, deze kunnen schadelijk zijn voor het konijn. Pluk geen gras en andere planten in gebieden waar ook wilde konijnen voorkomen als uw konijnen niet gevaccineerd zijn tegen VHD2, en spoel alles goed af.

Vaccinatie

Net als bij myxomatose en VHD1 is het advies om uw konijn in het voorjaar te laten vaccineren.

Bij elke vaccinatie is het belangrijk dat het dier helemaal gezond is op het moment van vaccineren. Ook mag het konijn niet zwanger zijn. Laat het konijn daarom altijd eerst even door de dierenarts nakijken, zeker als u reden heeft om aan te nemen dat er iets met het dier aan de hand is. Vaccineren hoort geen ‘lopende band werk’ te zijn!

Vaccineren tijdens een operatie is niet aan te raden vanwege het beslag dat de vaccinatie legt op het immuunsysteem. De weerstand tegen andere infecties wordt daardoor tijdelijk verlaagd.

Als er in uw omgeving VHD2 heerst, kunt u niet gevaccineerde konijnen die geen symptomen vertonen alsnog laten vaccineren. Doordat het geïnactiveerd vaccin is, kan het virus zich niet d.m.v. vaccinatie verspreiden. Binnen 7 dagen na vaccinatie is uw konijn beschermd. Heeft uw konijn vaak last van bijwerkingen, of heeft het een verlaagde weerstand, overleg dan met uw dierenarts of het verstandig is het dier te laten vaccineren.

Sinds kort beschikken wij over een nieuw vaccin (Filavac) tegen het RHD2 virus bij konijnen, welke maar 1 keer per jaar gegeven hoeft te worden. Dit vaccin is per stuk verpakt, wat betekent dat u niet meer hoeft te wachten op speciale vaccinatiedagen maar hier dagelijks bij ons voor terecht kunt. Filavac is werkzaam tegen de veroorzakers van Rabbit Hemorrhagic Disease (RHD1 én RHD2). Het mag vanaf 10 weken leeftijd toegediend worden en het hoeft niet te worden geboosterd. Filavac kan samen met de jaarlijkse vaccinatie tegen RHD-1 en myxomatose (Nobivac Myxo-RHD) gegeven worden. Voordat dit vaccin beschikbaar was werd met het Eravac vaccin gevaccineerd, welke slechts een half jaar werkzaam was én in sommige gevallen na 6 weken herhaald moest worden (booster injectie).

 

Myxomatose

Myxomatose is een ernstige, vaak dodelijke ziekte bij konijnen. Het wordt veroorzaakt door een virus dat verwant is aan de pokkenvirussen. Myxomatose kwam oorspronkelijk alleen voor bij het Braziliaanse konijn en het Californische konijn maar is door de mens geïntroduceerd in Australië. De door de mens losgelaten konijnen daar hadden geen natuurlijke vijanden en konden zich daardoor ongestoord voortplanten, tot ze een plaag vormden voor de boeren. Met het myxomatosevirus hoopte men de konijnenpopulatie te kunnen controleren. Het virus verspreidde zich echter ook naar Europa en richt daar nog steeds veel schade aan onder konijnenpopulaties.

Verspreiding

Het myxomatose virus wordt overgebracht door stekende insecten, vooral muggen en steekvliegen maar ook vlooien. Er bestaat ook een vorm die door direct contact wordt overgebracht.

Symptomen

Een konijn dat getroffen is door myxomatose krijgt zwellingen bij de ogen, mond en anus. Daarna ontstaan bulten op de oren, bij de mond en op de rug: de myxomen. Vervolgens krijgt het konijn longontsteking en zal het uiteindelijk bijna altijd sterven. Bij de vorm die door direct contact wordt overgedragen zijn nauwelijks huidzwellingen te zien; wel ontstaan er rode, gezwollen ogen en vooral problemen met de ademhaling.

Behandeling

Er is geen behandeling tegen de ziekte. Het enige wat gedaan kan worden is goede voeding en pijnstilling te geven en behandeling tegen bijkomende aandoeningen met antibiotica. Slechts in een klein percentage van de gevallen overleeft een konijn een infectie. Konijnen die een infectie overleven zijn daarna zo’n 14 tot 20 maanden beschermd tegen een nieuwe infectie.

Voorkomen

In Nederland komen regelmatig uitbraken van myxomatose voor onder wilde konijnen, maar ook huiskonijnen kunnen besmet worden. Het is dan ook belangrijk om uw konijn goed tegen deze ziekte te beschermen. Dat kan door middel van preventie en vaccinatie.

Preventieve maatregelen

Het voorkomen van een besmetting is uiteraard van groot belang. Zorg ervoor dat uw konijnen vrij zijn van vlooien. Niet elk anti-vlooienmiddel is geschikt voor konijnen, overleg dus met uw dierenarts! Houd wilde konijnen weg bij uw eigen konijnen. Neem maatregelen tegen muggen en vliegen. Gebruik horren in huis, gebruik eventueel horrengaas voor het hok, zorg ervoor dat het hok goed schoongemaakt wordt. Gebruik geen giftige chemische stoffen om muggen en vliegen te doden, deze kunnen schadelijk zijn voor het konijn.

Vaccinatie

Er is sinds begin 2012 een nieuw vaccin (Nobivac® Myxo-RHD) dat met één vaccinatie beschermt tegen zowel klassieke VHD als myxomatose. Het vaccin is een jaar werkzaam. Daarvoor werden twee verschillende entstoffen gebruikt tegen VHD en myxomatose, met een kortere werkingsduur. Als uw konijnen tot nog toe met het oude vaccin zijn gevaccineerd tegen myxomatose, maar niet tegen VHD, moet er bij de eerste vaccinatie met het nieuwe vaccin na vier weken eenmalig een ‘booster’ vaccinatie worden gegeven. Dat is ook nodig als uw konijn nog nooit is gevaccineerd maar wel een myxomatose infectie overleefd heeft. Dit omdat het anders mogelijk is dat er niet voldoende afweer tegen VHD wordt opgebouwd. Bij volgende vaccinaties met het nieuwe vaccin is dit niet meer nodig.

Nog steeds is aan te raden uw konijn in het voorjaar te laten vaccineren, omdat de besmettingskans in voorjaar en zomer het grootst is.

Bij elke vaccinatie is het belangrijk dat het dier helemaal gezond moet zijn op het moment van enten. Een vaccinatie vraagt actie van het immuunsysteem, en als dat tegelijkertijd meerdere infecties moet bestrijden kan dit verkeerd gaan. Ook mag het konijn niet zwanger zijn. Laat het konijn daarom altijd eerst even door de dierenarts nakijken, zeker als u reden heeft om aan te nemen dat er iets met het dier aan de hand is. Vaccineren hoort geen ‘lopende band werk’ te zijn!

Vaccineren tijdens een operatie is niet aan te raden vanwege het beslag dat de vaccinatie legt op het immuunsysteem. De weerstand tegen andere infecties wordt daardoor tijdelijk verlaagd. Wel heeft het nieuwe vaccin minder remmende werking op het immuunsysteem dan de tot nog toe gebruikte vaccins. Daardoor verwacht men minder risico dan voorheen bij het vaccineren van dieren die met een chronische infectie zoals ‘snot’ kampen. Wacht wel met vaccineren tot een moment waarop de infectie goed onder controle is; overleg vooraf goed met uw dierenarts.

Als uw konijn al verschijnselen van myxomatose vertoont, laat het dier dan niet meer vaccineren. Dit werkt meestal averechts en maakt het dier juist ziek doordat de vaccinatie de weerstand van het dier tijdelijk verzwakt. Overleg met uw dierenarts en ga zeker niet naar een vaccinatiespreekuur om besmetting van andere konijnen te voorkomen. Als er in uw omgeving een uitbraak is van myxomatose en uw konijn is niet gevaccineerd maar heeft nog geen symptomen, dan kunt u alsnog laten vaccineren. Denk er wel aan dat het mogelijk is dat uw konijn toch al besmet was en dan alsnog ziek zal worden.

De combinatievaccinatie Nobivac® Myxo-RHD tegen VHD en myxomatose mag vanaf een leeftijd van 5 weken gegeven worden. Als bijwerking kan er op de plek van vaccineren een bultje ontstaan in de eerste twee weken na de vaccinatie en kan de lichaamstemperatuur 1 tot 2 graden stijgen. Heeft uw konijn vaak last van bijwerkingen, of heeft het een verlaagde weerstand, overleg dan met uw dierenarts of het verstandig is het dier te laten vaccineren.

 

 

Wilt u op de hoogte blijven van onze acties en nieuwtjes? Meld u dan aan voor onze nieuwsbrief.