November 2017: Een slechte start voor Guus

Pup Guus, een Grand Basset Griffon Verdeen, was nog maar kort bij zijn nieuwe baasjes toen hij helaas ziek werd. Hij werd sloom, wilde niet meer eten en had een paar keer gebraakt. Ondanks medicatie en zeer goede verzorging door zijn baasjes stortte hij na een paar dagen helemaal in. Met spoed kwamen ze naar onze praktijk, waar we Guus op hebben genomen voor verder onderzoek en intensieve behandeling. Hij was slap en uitgedroogd en zijn slijmvliezen waren lichtgeel van kleur (icterus), een verschijnsel dat past bij een leverprobleem. Uit het bloedonderzoek bleek dat zowel zijn nieren als lever niet goed functioneerden. Ook was de zoutbalans verstoord en had hij milde bloedarmoede en heel veel ontstekingscellen in zijn bloed.

Deze bloedwaarden deden bij de dierenarts alarmbellen rinkelen, want dit beeld past bij de ziekte van Weil (Leptospirose). De behandeling daarvoor werd direct gestart en de diagnose werd later in het laboratorium bevestigd. Gelukkig sloeg de behandeling aan en knapte Guus heel langzaam op. Na 5 dagen in de opname was hij zijn vrolijke zelf weer en begon hij de smaak van het eten weer te pakken te krijgen. Ook nu hij weer thuis is gaat het nog steeds goed, hij is bijna niet meer rustig te houden!

Leptospirose wordt veroorzaakt door bacteriën die leptospiren heten en overal ter wereld voorkomen. Er bestaan veel varianten van deze bacteriesoort, die verschillende ziektebeelden geven. De ziekte van Weil is een van de bekendste en meest beruchte varianten. Besmette dieren scheiden leptospiren uit in de urine, kleine knaagdieren spelen een rol bij de verdere verspreiding. Elke hond kan besmet worden vanuit de omgeving, bijvoorbeeld door contact met (stilstaand) oppervlaktewater of via uitlaatplaatsen. Dieren, maar ook mensen, raken besmet door opname van de bacterie via wondjes of slijmvliezen. Ondanks dat eigenaren van Guus intensief contact met hem hebben, zijn zij gelukkig niet ziek geworden.

Pups krijgen antistoffen tegen Leptospirose van de teef, die de eerste levensweken langzaam afnemen. Helaas is niet te meten hoeveel bescherming een pup heeft meegekregen, mogelijk was dat bij Guus te weinig. Hij had zijn 1e vaccinatie tegen de ziekte van Weil nog niet gekregen omdat hij daar nog te jong voor was en zat dus in de zogeheten ‘immunity gap’, een dip in zijn afweer waardoor hij vatbaar was. Inmiddels is hij fit en oud genoeg om zijn immuniteit weer op te gaan bouwen. Gelukkig kunnen we honden beschermen tegen de ziekte van Weil door middel van (jaarlijkse) vaccinaties, waardoor de kans op besmetting aanzienlijk wordt verminderd!

Foto: Onze assistente kan bijna geen afscheid nemen van lieve Guus! 

Wilt u op de hoogte blijven van onze acties en nieuwtjes? Meld u dan aan voor onze nieuwsbrief.